1

A2 Test

Would you like t know your current Dutch language level? Push the button below. You’ll receive feedback ( free of charge) on the result and an advisory suggestion about wich language level suits you best.

1 / 36

Kies ´de´ of ´het´ (10 punten: per correcte keuze: 2 punten)

(  ) huis (  ) cursus (  ) werk

2 / 36

Kies ´de´ of ´het´ (10 punten: per correcte keuze: 2 punten)

(  ) jaar (  ) liedje (  ) gezin

3 / 36

Kies ´de´ of ´het´ (10 punten: per correcte keuze: 2 punten)

(  ) jongen (  ) boek (  ) stoelen

4 / 36

Kies ´de´ of ´het´ (10 punten: per correcte keuze: 2 punten)

(  ) dag (  ) uur (  ) week

5 / 36

Kies ´de´ of ´het´ (10 punten: per correcte keuze: 2 punten)

(  ) familie (  ) broertje (  ) numme

6 / 36

Maak een goede zin (9 punten: 3 punten per correcte zin)

(  ) in wonen Nederland wij

7 / 36

Maak een goede zin (9 punten: 3 punten per correcte zin)

(     ?) jouw hoe zus heet?

8 / 36

Maak een goede zin (9 punten: 3 punten per correcte zin)

(  ) tijd nu zij geen hebben

9 / 36

Zet de adjectieven in de juiste vorm

Dit schrift is nieuw; een (  ) schrift

10 / 36

Zet de adjectieven in de juiste vorm

Deze dag is zonnig: een (  ) dag

11 / 36

Zet de adjectieven in de juiste vorm

Alle mensen zijn aardig en vrolijk: Het zijn allemaal (  ) mensen

12 / 36

Perfect - type- we hebben gelopen/ we zijn geweest (6x2 punten)

De scholen (       ) zijn al weer (   ).    +  ´hebben´ of ´zijn´ en ´beginnen´

13 / 36

Perfect - type- we hebben gelopen/ we zijn geweest (6x2 punten)

 Onze vriend (     ) alles voor ons (     ). +  ‘hebben’ of ‘zijn’  en ‘betalen’

14 / 36

 Perfect - type- we hebben gelopen/ we zijn geweest (6x2 punten)

 Deze mensen (   ) hier altijd ( ). +  ‘hebben’ of ‘zijn’ + ‘wonen’

15 / 36

 Perfect - type- we hebben gelopen/ we zijn geweest (6x2 punten)

De wandelaars ( ) van hun huis naar de zee  ( ).  +  ‘hebben’ of ‘zijn’ + ‘lopen’

16 / 36

 Perfect - type- we hebben gelopen/ we zijn geweest (6x2 punten)

Onderweg (   ) ze veel vogels ( ). +  ‘hebben’ of ‘zijn’  + ‘zien’

17 / 36

 Perfect - type- we hebben gelopen/ we zijn geweest (6x2 punten)

Het (     ) een heerlijke dag (     ). +  ‘hebben” of ‘zijn’  +  ‘zijn ‘

18 / 36

Imperfect - type: luisterde/ deed (6 punten)

Rosa-Maria ( ) gisteren tot half 10. (+ werken)

19 / 36

Imperfect - type: luisterde/ deed (6 punten)

 Vroeger (   ) de kinderen hier buiten spelen. (+ mogen)

20 / 36

Imperfect - type: luisterde/ deed (6 punten)

 Ze ( ) daar toen maar een nacht. (+ slapen)

21 / 36

Imperfect - type: luisterde/ deed (6 punten)

Het feest ( ) om 20.00 uur. (beginnen)

22 / 36

Imperfect - type: luisterde/ deed (6 punten)

 Iedereen ( ) al daar. (+zijn)

23 / 36

Imperfect - type: luisterde/ deed (6 punten)

 We ( ) bijna iedereen op het feest. (+kennen)

24 / 36

Maak de zinnen af ( 6x2 punten)

Zij gaat naar de stad en ( ).

25 / 36

Maak de zinnen af ( 6x2 punten)

Jij moet nu komen, want (

26 / 36

Maak de zinnen af ( 6x2 punten)

Drinkt U koffie of ( ?)

27 / 36

Maak de zinnen af ( 6x2 punten)

Hans helpt ons het meeste, als ( )

28 / 36

Maak de zinnen af ( 6x2 punten)

 Deze mensen eten al lekker, terwijl wij ( )

29 / 36

Maak de zinnen af ( 6x2 punten)

Marie was 12 jaar, toen ( )

30 / 36

‘Het’ of ‘er’ ( 4 punten)

( ) kost veel tijd, om te studeren.
( ) is geen twijfel
We hebben ( ) gezien
( ) moet vandaag iets gebeuren

31 / 36

Beloof iets! ( 3x3 punten)

( ) ( Gebruik deze woorden: “morgen wij helpen zullen”)

32 / 36

Beloof iets! ( 3x3 punten)

  ( )       ( Gebruik deze woorden: “doen ik boodschappen zullen”

33 / 36

Beloof iets! ( 3x3 punten)

 ( )   ( Gebruik deze woorden; “zullen ik koken morgen”

34 / 36

Scheidbare werkwoorden ( 4x3 punten)

  ( ) ( Gebruik: opbellen jij  vriendin jouw)

35 / 36

Scheidbare werkwoorden ( 4x3 punten)

  ( ) (Gebruik:  meenemen zij hond hun)

36 / 36

Scheidbare werkwoorden ( 4x3 punten)

 ( ) (Gebruik:  de vrienden afrekenen het eten

Your score is

X